Er werd door Diest Uitbreiding CVBA bij het college van burgemeester en schepenen een aanvraag tot omgevingsvergunning OMV_2021153703 (dossiernummer gemeente OP-2021-369) ingediend voor het afbreken van 30 sociale huurwoningen en het bouwen van 38 sociale nieuwe huurwoningen ter vervanging in de Emile Vanderveldestraat. De aanvraag voorziet ook een aantal terreinaanlegwerken waarbij wordt gevraagd om deze over te dragen in het openbaar domein.
Voor een volledige en correcte weergave van de geplande werken met betrekking tot de vervangingsnieuwbouw wordt verwezen naar de bijgevoegde begeleidende nota van de architect.
Voor wat betreft de geplande terreinaanlegwerken (wegeniswerken), waarover de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft, wordt voor de volledigheid verwezen naar de bijgevoegde nota infrastructuur- en omgevingswerken. De aanvraag voorziet om in de huidige achtertuinen van de woningen nr. 24 tot en met 46 in de Emile Vanderveldestraat 13 publiek toegankelijke parkeerplaatsen en een langzaam-verkeer-pad langsheen de Begijnenbeek te realiseren. Door de achtertuinen hier minder diep aan te leggen ontstaat er een groenstrook langsheen de Begijnenbeek waardoor:
De toegang tot de parkeerplaatsen wordt uitgevoerd in een grijze waterdoorlatende betonstraatsteen en de parkeervakken in gras-kunststofplaten. Het pad langsheen de beek wordt voorzien van een half-verharding in Greenroad (een steenmengsel van gebroken natuursteen gebonden met 100% natuurlijk bindmiddel van plantaardige oorsprong). In het kader van de omgevingsaanvraag werd reeds een advies ontvangen van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), als beheerder van de Begijnenbeek, waarbij zij als voorwaarde opleggen om het pad slechts oppervlakkig uit te voeren, zonder zware onderfundering, bijvoorbeeld in dolomiet (zie advies van de VMM van 16 februari 2022 als bijlage). Er wordt voorgesteld om dit advies te volgen.
Daarnaast voorziet de aanvraag ook een langzaam-verkeer-brug over de Begijnenbeek, zodat het nieuwe pad, ten noorden van de Begijnenbeek, aansluiting kan vinden aan eenzelfde nieuw pad tot tegen de Tulpenstraat in het zuidoosten van de Begijnenbeek. De brug wordt opgebouwd uit FSC hardhout geheel steunend op metalen liggers. Hierdoor wordt in de aanvraag niet enkel gevraagd om de zone ten noorden van de Begijnenbeek (lot 2) maar ook deze ten zuiden van de beek (lot 1) over te dragen in het openbaar domein. Voor de aangeduide zone ten zuiden van de beek (lot 1), staat de stad Diest al geruime tijd in voor het onderhoud. Deze zone is ontstaan bij de bouw van de wijk Fabiolalaan. Met deze overdracht wordt, ter hoogte van deze aanvraag, tegelijk deze situatie juridisch geregeld.
In de aanvraag worden ook de twee hoeken, op vandaag nog eigendom van Diest Uitbreiding, zijnde hoek Emile Vanderveldestraat met de Kloosterbergstraat (lot 3) en de hoek Emile Vanderveldestraat met de Montgommerystraat (lot 4), heraangelegd in aansluiting met het openbaar domein. Door deze aanleg ontstaat er voor het projectgebied een uniform en kwaliteitsvol groen straatbeeld.
De aanvraag voorziet voor de nieuwe wooneenheden ook een ruim aantal fietskluizen. Deze fietskluizen worden niet mee opgenomen binnen de voorgestelde zone om over te dragen in openbaar domein, maar de toegangen sluiten er wel op aan. De fietskluizen blijven eigendom van en op grond staan van Diest Uitbreiding.
Aan de aanvraag is bijgevolg een rooilijnplan toegevoegd waarop de zone is aangeduid die men wenst over te dragen in het openbaar domein. Het gaat over een totale oppervlakte van 41a 99ca, bestaande uit 4 loten:
De omgevingsaanvraag valt binnen de gewone procedure volgens het omgevingsvergunningdecreet en -besluit. Artikel 31 van dit decreet stelt dat wanneer de omgevingsvergunningsaanvraag wegenwerken omvat waarover de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft, de gemeenteraad een beslissing neemt over de zaak van de wegen voor de bevoegde vergunningverlenende overheid, in deze het college van burgemeester en schepenen (met een uiterste beslissingsdatum op 2 juli 2022), een beslissing neemt over de omgevingsaanvraag.
Binnen de voorziene omgevingsvergunningsprocedure werd een openbaar onderzoek gehouden. Dit heeft gelopen van 31 januari 2022 tot en met 1 maart 2022. Artikel 47 van het omgevingsvergunningbesluit stelt hierover dat wanneer de omgevingsaanvraag wegenwerken omvat waarover de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft en daarover een besluit neemt, de gemeenteraad kennis neemt van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek. Er werden geen bezwaren en/of opmerkingen ingediend.
De gemeenteraad moet enkel een besluit nemen over de ‘wegenis’, zijnde de voorgestelde werken binnen het rooilijnplan en zich al dan niet akkoord verklaren met de overdracht van deze zones in het openbaar domein. Het college van burgemeester en schepenen oordeelt pas nadien, op voorstel van de gemeentelijke omgevingsambtenaar, over de gehele aanvraag.
Aan de omgevingsaanvraag zijn met betrekking tot de infrastructuurwerken/terreinaanlegwerken, naast het rooilijnplan, ook een bestek en meetstaat/raming toegevoegd, alsook een inplantingsplan met aanduiding van beplanting, een paar profielen en enkele uitvoeringsdetails. Het nieuwe openbaar domein is ruim breed voorzien en sluit over een voldoende brede en veilige manier aan op het bestaande omliggende openbare wegennet. Er is aandacht voor duurzame kwalitatieve, onderhoudsvriendelijke materialen, een kwalitatieve groeninrichting en afdoende opvang en afvoer van hemel- en afvalwater.
Tijdens de voorbereiding van dit gemeenteraadsbesluit werd vastgesteld dat er officieel nog een buurtweg (nr. 21) loopt ten zuiden, parallel met de Emile Vanderveldestraat. In het actieplan over de trage wegen, waarvan de gemeenteraad onlangs op 24 januari 2022 kennis nam, staat deze weg aangeduid als te verleggen. Deze weg is niet aangeduid op het opmetingsplan, zijnde het rooilijnplan, van de landmeter in deze aanvraag. Voor zover er kan opgemaakt worden loopt deze weg achteraan door de achtertuinen van de woningen. Enkel een landmeter kan de exacte ligging bepalen, maar de weg lijkt ter hoogte van de aanvraag eerder korter tegen de beek te lopen dan tegen de woningen (op het toegevoegde rooilijnplan is dit ter hoogte van de bestaande tuingebouwen achter de woningen nr. 40 tot en met 46 in de Emile Vanderveldestraat). Het vernieuwbouwproject voorziet hier minder diepe private tuinen en ook geen tuingebouwen, maar een collectieve groene ruimte rond het nieuwe pad langs de beek. Het bouwproject en het nieuwe pad voor langzaam verkeer, voorzien in de aanvraag, hypothekeren een verlegging van deze weg niet, integendeel het nieuwe pad versterkt en vergroot hier het trage wegen netwerk.
Het decreet van 5 april 1995 over de algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM)
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009 en latere wijzigingen en haar uitvoeringsbesluiten
Decreet van 25 april 2014 over de omgevingsvergunning
Het besluit van de Vlaamse regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 over de omgevingsvergunning en haar bijlagen
Het Gemeentewegendecreet van 3 mei 2019
Het besluit van de gemeenteraad van 24 januari 2022 over de voorlopige vaststelling van het beleidskader en actieplan trage wegen en goedkeuring participatietraject trage wegen
De gemeenteraad neemt kennis dat er geen standpunten, opmerkingen of bezwaren werden ontvangen naar aanleiding van het openbaar onderzoek.
Het bijgevoegde rooilijnplan met aanduiding van de, na volledige aanleg, over te dragen zones in openbaar domein met een totale oppervlakte van 41a 99ca (zijnde lot 1, 2, 3 en 4) met bijhorende inplantingsplan met groenaanduiding, meetstaat/raming en bestek, wordt goedgekeurd. De ontworpen zone sluit voor langzaam verkeer aan op het bestaande wegennet. De voorwaarde met betrekking tot het pad zoals opgenomen in het advies van de Vlaamse Milieumaatschappij dd. 16 februari 2022 moet gevolgd worden, nl.: het pad langs de Begijnenbeek kan enkel mits oppervlakkig uitgevoerd zonder zware onderfundering bijvoorbeeld in dolomiet. De gemeenteraad gaat geen enkele verbintenis aan wat betreft het uitvoeren van de waterleiding, elektrische leidingen, openbare verlichting, gas, telecommunicatie e.d..
De aanvrager draagt al de kosten voor al de noodzakelijke terreinaanlegwerken, riolerings- en verhardingswerken alsook voor de aanleg van alle noodzakelijke nutsleidingen. De aanvaarding van de werken door het bestuur zal blijken uit ondertekening van het proces-verbaal van voorlopige oplevering.
De stad Diest behoudt zich het recht om een toezichter voor de wegeniswerken aan te stellen.
De stad Diest kan niet betrokken worden in eventuele geschillen tussen de aanvrager, de aannemers van de werken, de concessiehouders enz. aangaande betalingen, uitvoeringen en dergelijke meer.
Alle gronden gelegen binnen de rooilijn, zoals aangeduid op het rooilijnplan (wegtracé, groene ruimten, ...) met een totale oppervlakte van 41a 99ca, moeten kosteloos afgestaan worden aan de stad Diest na definitieve oplevering. De wegverharding, rioleringen en alle nutsleidingen welke zich op de afgestane gronden bevinden, moeten eveneens kosteloos overgedragen worden aan de stad. Alle kosten in verband met deze overdracht zijn voor de aanvrager.