De beslissing van de gemeenteraad van 28 november 2011 houdende goedkeuring van de overeenkomsten met De Lijn inzake derdebetalerssystemen.
De beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 27 juli 2020 houdende principiële goedkeuring addendums in functie van invoering cashless.
In zitting van 28 november 2011 besloot de gemeenteraad de hiernavolgende overeenkomsten goed te keuren:
In voornoemde overeenkomsten was onder artikel 2 opgenomen dat de reiziger een biljet kan kopen op de bus.
Ten gevolge van Corona wenste De Lijn cashless in te voeren op haar voertuigen en wenste daarom haar overeenkomsten aan te passen dat de reiziger enkel nog een biljet kan kopen via SMS of via de website. Per verzonden SMS wordt er bovenop de kostprijs van € 0,50 of € 1,00 (tussenkomst reiziger) een operatorkost van € 0,15 aan de reiziger aangerekend door de telecomoperator.
Via e-mail van 17 juni 2020 werden door De Lijn de desbetreffende addenda bij de overeenkomsten ter goedkeuring overgemaakt met de bedoeling cashless in te voeren vanaf 1 juli 2020.
De goedkeuring van de addenda is echter een bevoegdheid van de gemeenteraad en kon pas geagendeerd worden op de zitting van september.
Gelet op het belang van de dringende maatregel in het kader van Corona stelde De Lijn voor dat het college van burgemeester en schepenen al eerder haar principiële goedkeuring zou geven om vervolgens ter kennisgeving voor te leggen aan de gemeenteraad in de maand september.
In zitting van 27 juli 2020 werden de addenda principieel goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen.
De gemeenteraad bekrachtigt de principiële beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 27 juli 2020 betreffende de addenda aan de overeenkomsten derde-betaler met De Lijn.