De overeenkomst tussen de deelnemende gemeenten, zoals goedgekeurd in de oprichtingsakte van de Projectvereniging de Merode d.d. 13 april 2015, vermeldt in Artikel 4 het doel van de vereniging met o.m. het stimuleren van het bewaren en ontsluiten van cultureel, onroerend en landschappelijk erfgoed in de regio (bestaande uit de gemeenten Herselt, Westerlo, Hulshout, Laakdal, Tessenderlo, Diest, Scherpenheuvel-Zichem en Aarschot).
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 (verschenen op 15 februari 2018 in het Belgisch Staatsblad. De meeste bepalingen traden op 1 januari 2019 in werking) vermeldt dat na een termijn van hoogstens zes jaar de betrokken gemeenteraden de projectvereniging kunnen verlengen.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 (verschenen op 15 februari 2018 in het Belgisch Staatsblad. De meeste bepalingen traden op 1 januari 2019 in werking) vermeldt dat de verlenging gebeurt op verzoek van de gewone meerderheid van het totale aantal deelnemers en op voorwaarde dat het verzoek gedragen wordt door een drievierdemeerderheid van het aantal deelnemende gemeenten en dat de laatste algemene vergadering vóór het verstrijken van de duur, tot de verlenging kan beslissen met een drievierdemeerderheid van het aantal stemmen. De gemeenteraadsbeslissingen die daarvoor worden genomen, worden bij het verslag van de algemene vergadering gevoegd.
De statuten van de Projectvereniging de Merode d.d. 13 april 2018 bepalen dat de Projectvereniging werd opgericht voor de periode 2015-2019 en opeenvolgende keren kan verlengd worden voor een termijn die telkens niet langer mag zijn dan zes jaar.
De jaarlijkse resultaatsverbintenis tussen de Projectvereniging de Merode (IOED de Merode) en het Agentschap Onroerend Erfgoed bepaalt dat de loonsubsidie voor de IOED de Merode aan deze resultaatsverbintenis gekoppeld wordt;
De navolging van de resultaatsverbintenis bepaalt onder meer dat de IOED de Merode verplicht is elke gemeente te ondersteunen in zijn onroerend erfgoedbeleid door:
Het nieuw Onroerenderfgoeddecreet dat 1 januari 2019 in werking is getreden bepaalt dat de gemeenten meer verantwoordelijkheden en bevoegdheden inzake archeologie, monumenten- en landschapszorg zullen toegewezen worden.
Het Onroerenderfgoeddecreet d.d. 1/1/2019 - (Afd. 3, Art. 3.3.1.) bepaalt dat er volgens de Vlaamse Regering een intergemeentelijke dienst kan opgericht worden overeenkomstig het decreet van 6 juli 2001, houdende intergemeentelijke samenwerking, en dat deze kan erkend worden als intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst.
De Vlaamse Regering bepaalt daarbij :
1° de erkenningsvoorwaarden;
2° de nadere regels voor de erkenning en de duur, de schorsing en de intrekking ervan.
Op 14 december 2018 keurde de Vlaamse Regering het wijzigingsbesluit van het Onroerenderfgoedbesluit definitief goed. De wijzigingen treden gefaseerd in werking:
De belangrijkste wijzigingen die in werking traden op 1 januari 2019:
De belangrijkste wijzigingen die in werking traden op 1 april 2019:
Gelet het Onroerenderfgoedbesluit d.d. 1 januari2019 en het Onroerenderfgoedbesluit dat bij datum van 1 januari 2020 van kracht zal gaan:
Afd. 3, Art. 3.3.2.:
Om erkend te worden en te blijven als intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst moet de intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst voldoen aan de volgende erkenningsvoorwaarden:
1° het intergemeentelijk samenwerkingsverband toont aan dat zijn werkingsgebied beschikt over een gemeenschappelijk erfgoedpakket op basis van een gezamenlijke omgevingsanalyse;
2° het intergemeentelijk samenwerkingsverband dient een onroerenderfgoedbeleidsplan in dat het actief behoud van het onroerend erfgoed op het grondgebied van de aangesloten gemeenten voor ogen heeft en complementair is aan het Vlaamse onroerenderfgoedbeleid en dat bovendien aan de volgende voorwaarden voldoet:
a) het onroerenderfgoedbeleidsplan stelt een gezamenlijke visie en een gezamenlijk plan van aanpak voorop voor het actieve behoud, het gebruik en de herbestemming van het onroerend erfgoed op zijn grondgebied die complementair zijn aan het Vlaamse onroerenderfgoedbeleid;
b) het onroerenderfgoedbeleidsplan is integraal en omvat dus de zorg voor het geheel van archeologische sites, monumenten, cultuurhistorische landschappen en stads- en dorpsgezichten;
c) het onroerenderfgoedbeleidsplan is geïntegreerd en is dus afgestemd met andere beleidsvelden die raakvlakken hebben met de onroerenderfgoedzorg;
d) het onroerenderfgoedbeleidsplan houdt rekening met de noden van de aanwezige onroerenderfgoedactoren;
3° het intergemeentelijk samenwerkingsverband ondersteunt en betrekt de erfgoedgemeenschappen die zich inzetten voor het duurzame behoud en beheer en voor de ontsluiting van het onroerend erfgoed op zijn grondgebied en neemt acties om een lokaal draagvlak voor de onroerenderfgoedzorg te creëren;
4° het intergemeentelijk samenwerkingsverband beschikt over voldoende expertise om dat onroerenderfgoedbeleidsplan uit te voeren en bouwt met het oog op expertiseverwerving een consultatienetwerk uit met alle diensten en organisaties die betrokken zijn bij de zorg voor het onroerend erfgoed.
Afd. 3, Art. 3.3.8.:
Een erkenning als intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst is voor onbepaalde duur en geldt zolang aan de voorwaarden, vermeldt in artikel 3.3.1, de erkenningsvoorwaarden, vermeld in artikel 3.3.2 en aan de voorwaarden in het kader van de opvolging, vermeldt in artikel 3.3.9 voldaan wordt.
I. AANPASSING STATUTEN PROJECTVERENIGING DE MERODE 2019
II. AANPASSING STATUTEN PROJECTVERENIGING DE MERODE - GELDIG VANAF 1/1/2020
De gemeenteraad gaat akkoord dat de stad Diest zich engageert in de Projectvereniging de Merode tussen de gemeenten Herselt, Westerlo, Hulshout, Laakdal, Tessenderlo, Diest, Scherpenheuvel-Zichem en Aarschot vanaf 1 januari 2020 tot en met 31 december 2025.
De gemeenteraad gaat akkoord met de gewijzigde statuten van Projectvereniging de Merode voor de periode 2020-2025.
De gemeenteraad gaat akkoord dat de stad Diest zich engageert in de Intergemeentelijke Onroerend Erfgoeddienst de Merode tussen de gemeenten Herselt, Westerlo, Hulshout, Laakdal, Tessenderlo, Diest, Scherpenheuvel-Zichem en Aarschot bij ingang vanaf 1 januari 2020. De stad Diest betaalt hiervoor de statutair bepaalde bijdrage, zijnde 0,07€/inwoner of 1678,11 euro.