Op personeelsleden, tewerkgesteld in het kader van artikel 60, §7 is de rechtspositieregeling niet van toepassing overeenkomstig artikel 2, §2 van het besluit Vlaamse regering van 12 november 2010 over de rechtspositieregeling voor het personeel van de OCMW's.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurde op 27 oktober 2011 een onthaalbrochure voor personeelsleden in het kader van artikel 60, §7 goed, waarin naar analogie van de rechtspositieregeling een aantal afspraken werden vastgelegd in verband met aan- en afwezigheden, rechten en plichten en verloning en sociale voordelen.
Door de zesde staatshervorming wordt de subsidiëring van kosten voor de tewerkstelling van personeelsleden in het kader van artikel 60, §7 een bevoegdheid van de Vlaamse regering.
De Vlaamse regering keurde op 23 december 2016 het besluit van de tijdelijke werkervaring goed. Onder dit besluit van tijdelijke werkervaring (TWE) worden ook de tewerkstellingen in het kader van artikel 60, §7 ondergebracht met ingang van 1 januari 2017.
Tijdelijke werkervaring richt zich naar werkzoekenden en leefloongerechtigden die door een gebrek aan (recente) werkervaring en arbeidsattitudes niet onmiddellijk aan de slag kunnen in het normale economische circuit. Het traject heeft als doelstelling om deze doelgroep competenties en werkervaring te laten opbouwen binnen een reële werkomgeving zodat ze na hun traject, dat maximaal 2 jaar kan duren, kunnen doorstomen naar het normaal economisch circuit.
Voor tewerkstellingen, die opgestart werden voor 1 januari 2017, blijft de regelgeving en subsidiëring ongewijzigd. Voor tewerkstellingen, die opgestart worden vanaf 1 januari 2017 wordt er enkel nog een toelage toegekend voor tewerkstellingen die kaderen in een TWE-traject en voldoen aan de voorwaarden.
De subsidiëring van de tewerkstellingen in het kader van artikel 60, §7 is aanzienlijk gewijzigd:
Door deze beperkte loonsubsidie zal de kostprijs, die het OCMW zelf moet dragen voor de tewerkstelling van personeelsleden in het kader van artikel 60, §7, gevoelig hoger liggen dan voor 1 januari 2017.
Er wordt voorgesteld om de personeelsleden in het kader van artikel 60, §7, die door het OCMW worden aangesteld vanaf 1 september 2017 te verlonen overeenkomstig het GGMMI en geen hospitalisatieverzekering meer toe te kennen.
Dit voorstel werd overgemaakt aan de vakbondsafgevaardigden en besproken op de vergadering van het HOC-BOC van 22 juni 2017.
ABVV en ACV openbare diensten ondertekenen een protocol van niet-akkoord.
Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 27 oktober 2011 over de goedkeuring van de onthaalbrochure voor personeelsleden tewerkgesteld in het kader van artikel 60, §7
Het besluit van de Vlaamse regering van 12 november 2010 over de rechtpositieregeling van het OCMW-personeel en latere wijzigingen
Het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 over de regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van het personeel
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit om de personeelsleden, tewerkgesteld in het kader van artikel 60, §7 en waarvan de arbeidsovereenkomst ingaat na 31 augustus 2017 te verlonen overeenkomstig het gemiddeld gewaarborgd minimum maandinkomen (GGMMI) vastgesteld in CAO.
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit om de personeelsleden, tewerkgesteld in het kader van artikel 60, §7 en waarvan de arbeidsovereenkomst ingaat na 31 augustus 2017 geen verzekering gezondheidszorg aan te bieden.
De raad voor maatschappelijk welzijn besluit om bij overgangsmaatregel de personeelsleden, die tewerkgesteld zijn in het kader van artikel 60, §7 met een arbeidsovereenkomst, die inging voor 1 september 2017, alle toegekende voorwaarden blijven behouden.