Op 22 december 2016 besliste het Vlaams Parlement om het beleid rond de bestrijding van verwaarlozing volledig aan de gemeenten toe te vertrouwen. Deze beslissing is bekrachtigd op 23 december 2016 en trad in werking op 1 januari 2017.
Hieruit volgt dat het belastingreglement van de stad over verwaarloosde gebouwen en verwaarloosde, ongeschikte en onbewoonbare woningen moet aangepast worden. In het huidige belastingreglement moet het deel over de verwaarloosde gebouwen en woningen geschrapt worden omdat de belastbare basis voor verwaarloosde gebouwen en woningen niet meer bestaat. De gewestelijke registratie voor verwaarloosde gebouwen en woningen is opgeheven.
Naast de schrapping van de verwaarloosde woningen en gebouwen, wordt er een wijziging aan het belastingtarief voorgesteld. Het belastingtarief andere woning (€ 400,00) wordt geschrapt en het belastingtarief voor een kamer wordt verhoogd naar € 500,00.
Het decreet van 23 december 2016 voorziet in hoofdstuk vijf dat de gemeenten gemachtigd zijn tot het heffen van een gemeentelijke heffing op ongeschikte en onbewoonbare woningen die opgenomen zijn in de gewestelijke inventaris. Een van de voorwaarden voor de heffing is dat het minimumbedrag € 500,00 bedraagt voor een kamer OF € 990,00 voor elke andere woning dan een kamer. Hieruit volgt dat de stad het belastingtarief voor een andere woning niet langer kan heffen. Voor de burger houdt dit in dat de basisbelasting voor een appartement € 1.290,00 bedraagt en geen € 400,00. Hier tegenover staat dat de burger, in tegenstelling tot vorig aanslagjaar, maar één keer belast wordt omdat de gewestelijke heffing op ongeschikte en onbewoonbare woningen niet meer geheven wordt bij het respecteren van de minimumbedragen.
Rekening houdend met de financiële toestand van de stad en met het oog op het vrijwaren van de kwalitiet van woningen op het grondgebied van de stad, wordt aan de gemeenteraad gevraagd om het bijgevoegd belastingreglement goed te keuren.
De grondwet: artikelen 41, 162 en 170§4
Het decreet van 22 december 1995 over de bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996, en latere wijzigingen, hierna genoemd het Heffingsdecreet
Het decreet van 4 februari 1997 over de kwaliteitsnormen- en veiligheidsnormen voor kamers en studentenkamers
Het decreet van 15 juli 1997 over de Vlaamse Wooncode, en latere wijzigingen
Het decreet van 6 juli 2001 over de intergemeentelijke samenwerking, en latere wijzigingen
Het decreet van 30 mei 2008 over de vestiging, de invordering en de geschillenbeslechting van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen
Het decreet van 13 december 2013 over de Vlaamse Codex Fiscaliteit, meer bepaald artikel 2.5.1.0.1.
Het decreet van 23 december 2016 over diverse fiscale bepalingen en bepalingen omtrent de invordering van niet-fiscale schuldvorderingen
Het besluit van de Vlaamse Regering van 3 oktober 2003 en latere wijzigingen over de kwaliteits- en veiligheidsnormen voor kamers en studentenkamers
Het besluit van de gemeenteraad van 19 december 2016 over de belasting op verwaarloosde gebouwen en verwaarloosde, ongeschikte en onbewoonbare woningen
De gemeenteraad keurt het reglement “Belasting op ongeschikte en onbewoonbare woningen" goed.
Het belastingreglement op ongeschikte en onbewoonbare woningen heft het raadsbesluit van 19 december 2016 op.
Dit besluit wordt aan de toezichthoudende overheid overgemaakt.