Terug

2016_RMW_00032 - Kennisname van de projecten 'kwaliteitsvolle hulpverlening' en 'administratief technische optimalisatie' van de sociale dienst

raad voor maatschappelijk welzijn
do 27/10/2016 - 18:30 St Joriszaal stadhuis Grote Markt Diest
Kennis genomen

Samenstelling

Aanwezig

Willy Goos, Freddy Aerts, Johan Bellen, Leo Beutels, Marcella Eggen, Marina Lambrechts, Marc Leys, Godelieve Sels, Carine Van Camp, Anja Verbeek, Bertha Vercammen, Liesbeth Van Rompaey

Secretaris

Liesbeth Van Rompaey

Voorzitter

Willy Goos
2016_RMW_00032 - Kennisname van de projecten 'kwaliteitsvolle hulpverlening' en 'administratief technische optimalisatie' van de sociale dienst 2016_RMW_00032 - Kennisname van de projecten 'kwaliteitsvolle hulpverlening' en 'administratief technische optimalisatie' van de sociale dienst

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

8a08e59253827cfa015383c139d70002

Aanleiding, context en argumentatie

De sociale dienst functioneert in een steeds sneller evoluerende omgeving en dient omwille van de aard van haar financiering steeds meer verantwoording af te leggen. Dit zorgt voor een spanningsveld waarbinnen op de best mogelijke manier verschillende verwachtingen en taken in evenwicht moeten blijven:

  • De context vermaatschappelijking van zorg maakt dat steeds vaker personen met problemen door de mazen van het net vallen en bij de sociale dienst terecht komen. Ze passen met de problemen die ze ervaren niet binnen één van de sectoren (geestelijke gezondheidszorg, gezondheidszorg, sector personen met een handicap, integrale jeugdhulp,...) of beschikken niet over de vaardigheden, mogelijkheden of netwerken om zich binnen die sectoren te handhaven.
  • De budgettaire beperkingen binnen welzijn en zorg en de wijze waarop vandaag de financiering van de verschillende sectoren nog vorm krijgt, leidt vaak tot cherry picking door andere organisaties, waardoor de moeilijkste cases uiteindelijk op het OCMW terechtkomen.
  • Buiten het vast aandeel van 4,5% van generatiearmen, komen veel meer mensen tijdelijk in armoede terecht. Verdunning van netwerken, bepaalde levensgebeurtenissen (vb echtscheiding, overlijden, ontslag), problematische schoolcarrières, ... liggen hier heel vaak aan de basis.
  • Participatie en empowerment maken dat cliënten (terecht) mee de regie voeren van hun traject en hun begeleiding. Dit vraagt om andere methodes en andere insteken. Binnen de context van een sociale dienst waar ook een verhaal van rechten en plichten speelt in de (financële) hulp en waar de maatschappelijk werker enerzijds een vertrouwensband dient op te bouwen en tegelijk toezicht houdt op de voorwaarden voor bepaalde tussenkomsten, is dit een steeds complexer proces. Het is vaak gemakkelijker éénzijdig de hulpverlening te bepalen en op te leggen, risico's te managen voor de cliënt. Het principe 'beter voorkomen dan genezen' staat onder druk. Het plaatst ons voor moeilijke dilemma's en onmogelijke keuzes.
  • Maatschappelijk assistenten zijn deel van de samenleving waar ongelijkheid een inherent deel van is. Onze hulpverleners nemen zelf rollen op in een samenleving die steeds veeleisender is en op verschillende vlakken radicaliseert. Anderzijds is het enige echte instrument dat ze hebben om mee te werken zichzelf. Dat instrument vraagt een goed onderhoud wil het blijven functioneren. Het moet gevoed en ondersteund worden, in evenwicht zijn en blijven. De maatschappelijk werkers moeten tijd krijgen voor de broodnodige zelfreflectie en reflectie in groep die hiervoor de basis is. Ze hebben nood aan interne en externe aftoetsingskaders (o.a. ook een steunkader).
  • Activering van cliënten, een essentieel onderdeel van de leefloonwetgeving en een belangrijke voorwaarde om mensen echt te laten participeren aan de samenleving, heeft op dit moment (omwille van de interne staatshervorming en de verschuiving van bevoegdheden) geen duidelijke of zekere plaats meer binnen de OCMW. Een belangrijke peiler van onze hulpverlening moet dus herdacht worden, o.a. Rekening houdend met werkloosheids- en andere vallen.
  • De vluchtelingencrisis dwingt ons te kijken naar de volledige hulpverlening en afwegingen te maken met betrekking tot gelijkenissen en verschillen met andere cliënten. De huisvestingmarkt stond al onder druk, kunnen we het maken dat erkende asielzoekers sneller doorstromen naar huisvesting dan andere personen met gelijkaardige behoeften? 
  • Met de invoering van de KSZ (kruispuntbank sociale zekerheid) heeft het OCMW ieder jaar meer stromen die opgevraagd en nagekeken kunnen en moeten worden in het kader van het sociaal onderzoek. De inspectiediensten van de POD Maatschappelijk integratie inspecteren vervolgens veel meer in detail dan pakweg 10 jaar geleden. Ze kijken mee over onze schouders als het gaat over het sociaal onderzoek (dus meer dan het financieel onderzoek), creëren bijkomende verantwoordingsstromen en controlesystemen. De administratie wordt specialistenwerk waarbij de combinatie van drie soorten kennis/inzicht steeds belangrijker wordt, nl. financiële kennis, wetgeving m.b.t. OCMW maatschappelijk werk en informatica.
  • Andere diensten en organisaties vinden het OCMW ook voor het afleveren van attesten van behoeftigheid of voor ondersteuning die preventief kan werken voor onze cliënten (vb. Preventie uithuiszetting, Lokale AdviesCommissie,...). Preventie betekent echter heel vaak meer werk op korte termijn.
  • ...

Dit alles vraagt om structuren, afspraken, vorming en opleiding en vooral, afbakenen van prioriteiten en kerntaken voor de dienst. Vandaar dat dit najaar en een groot deel van 2017 zal gaan naar twee projecten (zie projectielen in bijlage). In het verloop van deze projecten zullen keuzes gemaakt moeten worden die ter legitimatie voorgelegd zullen worden aan de raad voor maatschappelijk welzijn of het bijzonder comité sociale dienst. 

Het project 'kwalitatieve hulpverlening' heeft vooral tot doel te komen tot een transparant kader en duidelijke lijnen waarbinnen we willen werken en die ons zullen helpen bij het leveren van eenvoudige kwaliteit binnen de dienst. Door te vertrekken van de verschillende trajecten die we binnen de dienst met cliënten kunnen lopen en die bepaalde minimale stappen en onderdelen bevatten, zullen we ook beter in staat zijn onze personeelsnood te bepalen en te monitoren.

Het project 'administratief technische optimalisatie' zal ertoe leiden dat het software pakket afgestemd geraakt op bovenstaande keuzes m.b.t. hulpverleningstrajecten, steunkaders. Het moet ervoor zorgen dat we terugvorderingen door de POD MI naar aanleiding van inspecties kunnen vermijden, dat we de noodzakelijke administratie goed doen en de efficiëntie verhogen.

Regelgeving bevoegdheid

De raad voor maatschappelijk welzijn is bevoegd op basis van artikelen 51-52 van het OCMW-decreet
<p>De raad voor maatschappelijk welzijn&nbsp;is bevoegd op basis van artikelen 51-52 van het OCMW-decreet</p>

Besluit

De raad voor maatschappelijk welzijn beslist:

Artikel 1

De raad neemt kennis van de aanleiding en de inhoud van de projecten 'kwalitatieve hulpverlening' en 'administratief technische optimalisatie'.